Utrecht aan Zee

Het blik van Jos Stelling

In Het blik van Jos Stelling vertelt de Utrechtse cineast over zijn jeugd in de buurt Abstede en hoe zijn avonturen met een filmblik de basis zouden vormen voor zijn carrière.


Bezig met laden...

We ontmoeten Stelling tijdens verbouwingswerk in het oude politiebureau Tolsteeg, waarvan hij een filmcentrum maakt. Toen hij nog een jongen was moest hij er langs op weg naar de stad en lieten de dienders hem er strafregels schrijven. ‘Wacht maar,’ zei hij tegen ze, ‘als ik groot ben dan koop ik het hele zaakje hier op.’ Het oude politiebureau is door de gedreven Stelling omgetoverd tot het Louis Hartlooper-complex. Filmzalen, vergaderruimtes en cafés,én: de eerste korte films van ‘Utrecht aan zee’ gingen hier in première.

 

Toch is Jos Stelling in de eerste plaats filmer. Hij neemt ons mee naar de wijk van zijn jeugd, Abstede, eigenlijk een van de vele dorpen waaruit vroeger Utrecht bestond.

De karakteristieke bewoners van die wijk geven Stellings film ‘De Pretenders’ kleur. Aan de hand van fragmenten daaruit en van zijn bezoek aan de katholieke Sint Aloysiuskerk aan de Van Ostadelaan, waar hij ooit misdienaar was, vertelt hij over het maken van films en de daarbij behorende leugens. Is alle kunst een veredeld soort liegen? En is film katholiek en theater protestants?

 

‘Film is zielentaal, je moet als kijker niet denken maar voelen. Daarom is het calvinistische Nederland zo’n slecht filmland. Dialogen gaan meteen je hersens in. Dat belemmert het kijken. Ik ben meer in het visuele spanningsveld geïnteresseerd. In suggestie.’

Ook het liefdesleven van de katholieke jongeren in het Abstede van de jaren vijftig wordt door Stelling kernachtig verwoord.

 

De film eindigt met de opening van het Louis Hartlooper-complex, vernoemd naar de vroegere film explicateur die in de Rembrand bioscoop de stomme films toe lichtte en beroemder was dan de film makers in die tijd.




<< Terug